´t Was aan de Costa del Sol (tingelingeling)
Daar sloeg m'n hartje op hol (tingelingeling)
Hij sprak me van amore
Ik was finaal verloren
Hij speelde op z'n gitaar (tingelingeling)
En streelde zacht door m'n haar (tingelingeling)
Nooit zal ik hem vergeten
Hem en de Costa del Sol
Refrein:
Het was zo fijn (tingelingeling)
bij maneschijn (tingelingeling)
en Spaanse wijn (tingelingeling)
om samen te zijn...
Ben in m'n landje terug (tingelingeling)
Regen en donkere lucht (tingelingeling)
Toch blijf ik heerlijk dromen
Wat mij is overkomen
enz. enz.
´t Was aan de Costa del Sol, tingelingeling. Daar sloeg mijn hartje op hol´, tingelingeling. Zo begint een liedje van de Zangeres Zonder Naam dat onze ouders en grootouders zongen als ze met de bus naar zuid-Spanje gingen. Zo´n veertig jaar geleden was de Costa del Sol (een naam die net zoals die van de andere costa´s is verzonnen voor de toeristen) tussen Gibraltar en Almeria een populair vakantieoord voor mensen die zich dat konden veroorloven. Maar met de opkomst van het massatoerisme werd dat snel meer.
Mooier is het aan de Spaanse zonnekust in de loop der jaren niet geworden, maar sinds wij hier zelf wonen is de gezellige drukte van de kust soms een welkome afwisseling op de rust van het platteland. Bovendien is het er op winterse dagen meestal een paar graden warmer. En ´s zomers kun je in de Chiringuitos, de strandtentjes, overal vers gegrilde visjes eten, voor ons reden genoeg om in de auto te stappen. En vanaf een terrasje kijken naar je vakantievierende landgenoten kan soms ook heel leuk zijn.